LET OP: Wilt u een e-mail ontvangen
wanneer er nieuw materiaal is? Klik dan hier en vul
het formulier in.
17 februari 2008
2e zondag Veertigdagentijd
Lezingen:
Gen. 12, 1-4a
2 Tim. 1, 8b-10
Mt. 17, 1-9
Vertelling van het evangelie
Op een dag zei Jezus tegen Petrus, Jakobus en Johannes, drie van zijn
leerlingen: ‘Ga met mij mee de berg op. Ik wil jullie laten zien wie Ik ben’.
Bovengekomen zagen ze plotseling dat Jezus veranderde. Zijn gezicht straalde als
de zon en zijn kleren glansden als het licht. Daar verschenen Mozes en Elia. Hoe
kon dat? Die waren toch al lang geleden overleden? Mozes die het volk van Israël
uit de slavernij van Egypte had geleid en Elia die een van hun grote profeten
was.
Jezus, Mozes en Elia spraken met elkaar. De drie leerlingen konden hun ogen niet
geloven. Wat schitterend! Dit ogenblik wilden ze voor altijd vasthouden. Daarom
zei Petrus: ‘Zullen we hier blijven? Laten we hier drie tenten bouwen. Eén tent
voor U, één voor Mozes en één voor Elia.’
Maar toen schoof er een wolk voor de zon. Er viel een schaduw over hen heen. Ze
wisten het opeens zeker, Jezus hoorde helemaal bij God. Het was alsof er hardop
was gezegd”’Dit is mijn Zoon, van wie Ik zielsveel houd. Luister naar Hem!’. Ze
durfden niet meer te kijken, zo erg waren ze onder de indruk. Maar Jezus raakte
hen aan. Hij zei: ‘Sta op. Niet bang zijn, jullie zijn nu op de hoogte, maar
vertel het nog maar aan niemand. We moeten naar beneden. We moeten met onze
beide benen op de grond staan, want er is nog veel te doen’.
Exegese
In het verhaal van de gedaanteverandering wordt duidelijk gemaakt dat Jezus de
vervulling is van de Wet en de Profeten. Mozes staat voor de Wet en Elia voor de
Profeten. Jezus wordt in de lijn geplaatst die is uitgezet in het Oude
Testament. Daarin wordt beschreven hoe God mensen bevrijd heeft uit doodgelopen
situaties. Onder leiding van Mozes is het volk bevrijd uit de slavernij van
Egypte en Elia heeft de mensen willen bevrijden van de slavernij van Baäl, de
god van de vruchtbaarheid, het succes en de vooruitgang.
Van Mozes en Elia wordt verder verteld dat ze geen graf hebben. Met Jezus is dat
precies zo. Jezus is nauw verbonden met Mozes en Elia. In Jezus is het Oude
Testament geradicaliseerd. De wet en de profeten, de bevrijding van alles wat
rot is en benauwd maakt, zijn in Jezus’ bevrijdend handelen werkelijkheid
geworden.
De plaatsen uit het verhaal verwijzen ook naar het Oude Testament. De
“berg”verwijst naar de Sinaï, de berg waarop Mozes de leefregels van God
ontvangt. Ook Elia heeft God daar ontmoet. Het verwijst ook naar de Karmel, waar
Elia de Baälpriesters verslaat. De tent verwijst naar de tent van samenkomst,
waarin de gouden troon van God stond, die meegedragen werd door de woestijn. De
“wolk” kom je op veel plaatsen tegen als de verborgen aanwezigheid van God: een
lichtende wolk bij de berg Sinaï, de wolkkolom die meetrekt bij de tocht door de
woestijn.
In Assyrië en Babylonië bestond de mythologische voorstelling van de berg als
woning van de godheid of van de goden. Zo spreekt men van de berg der ceders, de
woonplaats der goden, de berg der landen, de verzamelingsberg, de wereldberg, de
windenberg. Dezelfde voorstelling bestond ook in Phoenicië, een berg wordt als
zetel van Baäl gedacht. In het Oude Testament komt eveneens een berg van God of
van Jahwe voor: een berg in de woestijn van Sinaï, die in de oudtestamentische
overlevering soms geïdentificeerd wordt met de Horeb en gekenmerkt wordt als de
berg waar Jahweh zich openbaarde. Deze berg zal door de nomaden van de
Sinaïwoestijn als heilig beschouwd zijn; ze zullen er regelmatig heengetrokken
zijn om er hun cultusplechtigheden te vieren.
Een andere berg is de berg Sion. Hij is heilig geworden omdat Jahweh hem
uitverkoren heeft. Uit het paradijsverhaal in Genesis, de vier in Eden
ontspringende rivieren, mag misschien geconcludeerd worden dat het paradijs op
een berg gedacht werd.
Gesprek
• Laat de kinderen voorbeelden noemen wanneer zij ‘stralen’: als ze jarig zijn
of een goed cijfer voor een proefwerk hebben gehaald; wanneer ze een goede
muziekuitvoering gegeven hebben of gewonnen hebben bij een sportwedstrijd.
• Vraag: wie is er wel eens in de bergen geweest of heeft de Dom in Utrecht of
de Euromast beklommen? De bedoeling is dat de kinderen ervaren dat je de dingen
anders ziet vanaf een bepaalde hoogte.
• In de bijbelvertelling is Jezus voor de leerlingen even helemaal bij God. Maar
Jezus verwijst de leerlingen naar beneden: ‘er is nog veel te doen’. De berg zit
‘tussen hemel en aarde in’. Zo is Jezus aan de ene kant ‘bij God’ maar aan de
andere kant ook ‘onder de mensen’. Kunnen de kinderen voorbeelden noemen van wat
hier op aarde ‘nog te doen is’, van wat god van ons verlangt?
Liederen
Jezus Christus is bij ons (Hoop van alle volken, lied 45)
Drie tenten voor de eeuwigheid (Zingen voor het leven, lied 7)
In de wolken (De zon is al op, nr 59)
God heeft de hemel (De zon is al op, nr 26)
Kom ons tegemoet (De zon is al op, nr 8)
Op de berg (Het koninkrijk lijkt op, pag 40)
Verhaal
Er zijn mensen die voor anderen ‘bergen verzetten’. Lees het
volgende verhaal.
Bergen verzetten“Ik had geld gespaard om autorijles te kunnen nemen, maar dit werk vond ik even belangrijker”, zegt Dorienke. Ze is naar Bolivia gegaan om gehandicapte kinderen te helpen.
|