De god TirawaScheppinsverhaal Indianen Noord-Amerika – Grote ster en Witte ster
God Tirawa maakte de sterren. De twee belangrijkste sterren waren Grote ster (morgenster) en Witte ster (avondster). Voordat er leven op aarde zou komen, moesten deze twee sterren samenkomen.
Grote ster deed zijn best om aardig gevonden te worden door Witte ster. Hij wilde met haar trouwen. Maar Witte ster had daar niet veel zin in. Ze liet haar huis in het westen goed bewaken. Grote ster ging op reis naar het huis van Witte ster. Bij haar huis kwam hij eerst een zwarte beer tegen. Daarna een bergleeuw, een wilde kat en tenslotte een wolf. Deze bewakers waren eigenlijk ook sterren. Ze waren geen gewone dieren.
Grote ster pakte de sterdieren op en zette ze alle vier op hun eigen plaats. Ieder sterdier kreeg een eigen windstreek met als opdracht voor de seizoenen te zorgen.
Witte ster ontmoette Grote ster bij haar huis. Ze werd toch verliefd. Witte ster wilde graag met Grote ster trouwen. Voordat er getrouwd kon worden moest Grote ster drie dingen doen.
Hij moest een wieg halen voor hun eerste kind, een zacht kleed om het kind in te wikkelen en vers warm water om het kind te wassen. Grote ster gaf Witte ster een mooie wieg die versierd was met sterren, een kleed van lekker zachte buffelhuid en fris water uit een bron.
Witte ster en Grote ster trouwden met elkaar en gaven elkaar hun kracht. Witte ster gooide een steen uit de hemel. Dat werd de aarde. Grote ster gooide zijn vuurbal in de lucht. Dat werd de zon.
Witte ster en Grote ster kregen een dochter. Ze ging op reis naar de aarde op een grote witte wolk. Ze nam graan mee. Als regen viel ze van de wolk op de aarde. Op de aarde kwam ze een jongen tegen die de zoon was van de Maan en de Zon. Ze kregen kinderen. Zo werd de aarde bevolkt door alle mensen.
En Tirawa gaf de sterren de opdracht om over alle mensen te waken.