|
Kalender en wegwijzer De sterren staan
altijd op dezelfde plek aan de hemel. De plaats van de zon, de maan en de
planeten verandert in de seizoenen. Door goed naar de plaats van de
hemellichamen te kijken konden de mensen vroeger zien welke dag van het
jaar het was. En welke kant ze uit moesten.

Astrologen
De drie Wijzen uit de bijbel waren astrologen. De ster van Bethlehem is
waarschijnlijk een samenvoeging geweest van de planeten Jupiter en
Saturnus en de sterren van het sterrenbeeld Vissen. Later zegt Jezus van
zichzelf: “Ik ben de stralende morgenster”. Hij bedoelt: “Kijk naar mij,
ik laat je zien wat leven is.”

Oorlog
In de Tweede Wereldoorlog moesten alle joden verplicht een gele Davidster
op hun kleren naaien. Zo kon iedereen zien dat de drager van de ster joods
was. Laten we hopen dat alle ellende van die oorlog nooit meer opnieuw
gebeurt.

Koel
De islam is in het jaar 600 na Christus in Arabië ontstaan. Daar werd
meestal ’s nachts door de woestijn gereisd, dan was het lekker koel. De
sterren en de maan wezen de reizigers de weg. De islam wordt ook gezien
als een godsdienst die de gelovigen de weg wijst tijdens hun leven.

Kalender
Stonehenge is een bijzonder bouwwerk van reusachtige stenen in Engeland.
Het werd 3000 jaar voor Christus gebouwd. Hoe de mensen de enorme
rotsblokken precies op de juiste plek wisten te krijgen is nog steeds een
raadsel. Stonehenge was een soort kalender. Als de zon precies midden
tussen de stenen opkwam, wisten de mensen dat het zomer was.

Zon vastbinden
In Machu Picchu, een oude Inca-stad in Peru, staat een bijzondere paal, de
‘intihuana’. ‘Inti’ is de naam van de zonnegod van de Inca’s. Op 21 juni
was het feest. De zon stond dan op zijn laagste punt en de dagen werden
weer langer. Om te zorgen dat de zon niet verder zou wegzakken, bonden de
Incapriesters ‘m vast aan de paal. Zo kon de zon niet voorgoed verdwijnen.
Dankzij schaduw bij de paal wisten de Inca’s precies wat voor dag het was.

Piramide
In Egypte staat de piramide van Cheops. Gebouwd rond 2600 voor Christus De
vier zijden wijzen naar de vier windstreken. De piramide is het graf van
farao Cheops. De farao ligt in de koningskamer begraven. Vanuit de
koningskamer zijn er tunnels naar buiten. De tunnel aan de noordelijke
kant ligt op één lijn met de Poolster.

Schip
In een piramide is op het plafond een sterrenhemel getekend. Elke ster is
een afbeelding van een dode die in de piramide begraven is. De Egyptenaren
geloofden dat de ziel van de dode voortleefde als een ster aan de hemel.
De dode kon via een trap in de piramide de hemel inklimmen. Naast de
piramide werd soms een houten schip begraven waarin de dode naar de
sterren kon reizen. 
Offer
In het oude China werden de sterren aan de hemel nauwkeurig bestudeerd.
Met Chinees Nieuwjaar offerde iedereen zijn ‘eigen’ ster. Een vallende
ster was een teken dat een belangrijk man ging sterven of dat er een kind
geboren ging worden. De ziel van het kind viel uit de hemel op aarde. |